Herstel na de coronaperiode
Het openbaar vervoer in onze stad toont een duidelijk herstel na de flinke terugval tijdens de coronapandemie. Uit recente cijfers van ov-kennisplatform CROW blijkt dat de inrichting van het lokale netwerk de afgelopen jaren merkbaar is veranderd. Sinds 2022 is het aantal bushaltes weliswaar licht afgenomen, maar op de overgebleven plekken kunnen reizigers veel vaker instappen.
Meer bussen op minder haltes
Op dit moment telt Eindhoven 393 bushaltes, waar wekelijks in totaal 174.332 bussen stoppen. Drie jaar geleden, in 2022, waren er nog 396 fysieke opstapplaatsen in de gemeente. Ondanks deze lichte daling in het aantal haltes, is het aanbod aan busritten fors gestegen. Ter vergelijking: in 2022 stopte er wekelijks 153.066 keer een bus. Deze opvallend grote stijging in het aantal bussen is lokaal bovengemiddeld; in vergelijkbare steden nam het busaanbod de afgelopen jaren beduidend minder snel toe.
Nog altijd niet op pre-coronaniveau
Ondanks de positieve trend van de afgelopen drie jaar, is het absolute hoogtepunt van het openbaar vervoer nog niet bereikt. Nu, ruim zes jaar na de eerste lockdowns, is de dienstregeling nog altijd niet volledig de oude. Wanneer alle vormen van openbaar vervoer worden meegerekend, ligt het wekelijkse aantal stops in Eindhoven nog altijd 22 procent lager dan in september 2017, het jaar met het meeste ov-aanbod. Daarmee loopt het lokale herstel iets achter op dat in vergelijkbare gemeenten, waar het totale aanbod momenteel zo’n 16 procent onder het pre-coronaniveau ligt.








